header.png
donderdag 22 augustus 2019

Uitleg

Hejje Mojjer Natuurlijk

Dit zijn alle artikelen die ooit in het Hejs Nejs zijn geplaatst door Martha en Paul Toonen
Op verzoek staan ze nu ook op de site heijen.info
Door op een link te klikken kom je in het desbetreffende artikel.

Door hier te klikken kom je weer terug bij de artikelenlijst.
Door hier te klikken kom je weer terug bij de home pagina.

Grauwe schildwants (Rhaphigaster nebulosa)

99 Heijen 01

Grauwe schildwants
Orde: Hemiptera (snavelinsecten) Familie: Pentatomidae (schildwantsen)

Het diertje dat we deze keer beschrijven heeft waarschijnlijk iedereen de afgelopen maanden al een keer gezien. Het is een diertje dat veelvuldig voorkomt in onze woningen en schuurtjes. Met name in maart en april is het volwassen insect hier te vinden. Voor sommigen ziet het er eng uit, maar het is volstrekt onschuldig.
De grauwe schildwants, ook wel grauwe veldwants genoemd, komt oorspronkelijk uit Midden-Europa, maar zien we tegenwoordig in heel Europa. De laatste jaren is de soort, die voorheen zelden werd waargenomen, ook in ons land met een opmars bezig.

Uiterlijk
Grauwe schildwantsen zijn 13 tot 16 mm groot en kunnen makkelijk worden herkend aan hun antennes. Deze zijn heel duidelijk zwart wit geblokt. Het dier is van boven gemarmerd van kleur, grijs/bruinig, en aan de zijkant zwart-wit geblokt. De onderkant is wit/lichtroze met zwarte stippen.
De dieren beschikken over een steeksnuit. Deze snuit is van bovenaf niet te zien, omdat de snuit tegen de onderkant van het lijf ligt. De snuit wordt gebruikt om voedsel op te zuigen uit planten, zoals prunus, meidoorn, lijsterbes, hazelaar, braam en klimop. Verder zuigt de wants sappen uit dode insecten. De wants hebben geurklieren, die als bescherming tegen roofdieren moeten dienen. Als verdediging kunnen ze een bitterzoet ruikende stof uitscheiden.

Leefwijze
De grauwe schildwants is overdag een actief insect, maar wel een slechte vlieger. Hij vliegt traag en luid zoemend. Bij de landing komt hij vaak op de rug terecht. De bitterzoete vloeistof die de wants bij verstoring uitscheidt is gebroken wit van kleur en bij consumptie door de mens licht giftig. Bij nimfen, de jonge wantsen, bevinden de geurklieren zich op de rug; bij adulte, de volwassen insecten, aan de onderzijde van het borststuk.
De wants overwintert als adult op beschutte plaatsen, zoals in klimop en scheuren in de muur. Tijdens hun zoektocht komt hij regelmatig in grote aantallen in gebouwen. De volwassen wants wordt vroeg in het jaar actief, met een grote piek in maart en april. In het late voorjaar legt het vrouwtje, dat een grote legboor heeft in het midden van de buik, ongeveer 40 eitjes op plantendelen.


Vrouwtje met legboor vanaf midden buik omhoog en zuigsnuit vanaf de kop omlaag over het lijf, Schildwanten hebben een perfecte schutkleur

99 Heijen 02

 

Ze lijkt een voorkeur te hebben voor venkel en elzen, maar ook klimop is een geliefde legplaats. Als er veel verstoring is wordt er een vloeistof afgescheiden die ervoor zorgt dat de dieren zich in bijna elke omgeving kunnen ontwikkelen. Het is dus gewoon een slim diertje. Jonge wantsen variëren sterk in kleur. Ze worden vooral van augustus tot oktober waargenomen. De nimf vervelt meerdere keren, waarbij het uitwendige skelet, dat om de nimf zit, vervangen wordt door een nieuw skelet, inclusief de poten. Na elke vervelling is het insect dus een stukje “gegroeid”. Na het derde nimfenstadium is de aanzet van de vleugels te zien. De grauwe schildwants produceert slechts één generatie per jaar.

Verspreiding
De grauwe schildwants komt in Europa vooral in de zuidelijke delen voor. Zoals reeds gezegd zijn sinds het begin van 21ste eeuw de aantallen in Nederland aanzienlijk toegenomen. De soort is in Nederland vooral aanwezig in Limburg, Noord Brabant, Gelderland en Overijssel. Er zijn echter ook al waarnemingen binnengekomen van de Waddeneilanden en andere gebieden in het land. Ook in België is de soort vrij algemeen te zien. Je kunt dus gerust spreken van een algemene soort.

Bestrijding
De wants zijn niet schadelijk voor de mens, maar je wilt natuurlijk liever niet dat ze in huis blijven. Sla de diertjes niet dood, want dan komt er een vreselijke bittere stank vrij. Vang ze liever en zet ze buiten op een beschutte warme plek. Immers, als ze de kans zien zoeken ze toch weer dat warme plekje in huis op. Vind je dat toch te eng, dan kun je natuurlijk ook de stofzuiger gebruiken. Dat is voor het diertje natuurlijk niet zo prettig, dus laat hem gewoon weer vrij.

Fijne lente

Martha en Paul